Bioactieve bestanddelen
Kerncomponenten zijn flavonolglycosiden (quercetine-, kaempferol– en isorhamnetin-derivaten) en terpeen-trilactonen: ginkgoliden (A, B, C, J, M) met PAF-antagonistische activiteit en bilobalide. Verder zitten er proanthocyanidinen, fenolzuren (o.a. caffeïne– en chlorogeenzuur) en triterpenen. Goede extracten bevatten zeer weinig ginkgolic acids (allergenen). Let op: zaden bevatten ginkgotoxine; die laat je links liggen.
Gebruik bij paarden
In de paardenpraktijk past ginkgoblad als proefmatige ondersteuning voor perifere doorbloeding en “helderheid” bij senioren, met een duidelijk voorbehoud: dierstudies en velddata blijven beperkt. Kies gedroogd blad of een mild extract, start laag, meng door slobber en evalueer eetlust, gedrag en mest. Houd circa 2 uur afstand tot medicatie (interactierisico via PAF-antagonisme en mogelijke invloed op absorptie). Vermijd gebruik bij dracht/lactatie en in combinatie met NSAID’s, anticoagulantia of hoge doses knoflook/duizendblad. Bij onrust, slapeloosheid, diarree of neusbloed stop je direct en schakel je je dierenarts in.















